Wachten op een goedkope huurwoning? Dat duurt in Den Haag en de omliggende gemeenten gemakkelijk zeven jaar. En met een klein beetje pech wordt het er de komende tien jaar niet beter op.
De reden: er dreigt veel te weinig te worden bijgebouwd. De negen gemeenten in de regio Haaglanden willen tot 2030 niet meer dan 6.700 goedkope huur- en koopwoningen toevoegen aan de bestaande woningvoorraad, maar om de regionale woningnood voor mensen met een kleine beurs te lenigen, zijn er ruim 11.000 van zulke huizen nodig.
‘In het gunstigste geval blijft de druk op de sociale huurmarkt in Den Haag en omgeving ongeveer gelijk aan de huidige situatie’, luidt dan ook de pijnlijke conclusie die onderzoeksbureau RIGO trekt over de bouwplannen van de regiogemeenten voor de komende tien jaar. ,,En bij tegenvallers zal die druk vermoedelijk alleen maar toenemen.’’
Er zal echt veel meer moeten gebeuren
Dus knettert het hier en daar ook flink binnen het gezamenlijke woonoverleg van de negen gemeenten. Ook Haags woonwethouder Martijn Balster is teleurgesteld over dit onderdeel van het regionale bouwpakket. ,,De ambitie voor de bouw van betaalbare woningen is zwaar ondermaats’’, erkent hij. ,,Er zal echt veel meer moeten gebeuren.’’
Weloverwogen
Lastig wordt dat wel. In de regio Haaglanden verdwijnen de komende tien jaar ruim 8.000 goedkope, particuliere huurwoningen. Het gaat dan om huizen die verkocht worden of om woningen van verhuurders die kans zien om een hogere huurprijs dan 720 euro per maand te vragen. En daar hebben de gemeentebesturen geen enkele controle over. Zo moet Den Haag alleen al een kleine 6.000 goedkope woningen bijbouwen om dit verlies te compenseren. Ook de gemeente Delft (1600 woningen) en Zoetermeer (900 woningen) kampen nadrukkelijk met dat fikse probleem. Toch zijn het andere gemeenten die relatief de grootste steken laten vallen als het gaat om extra betaalbare woningen.
Neem Midden-Delfland dat verhoudingsgewijs al bar weinig goedkope huur- en koopwoningen op haar ruime grondgebied heeft. De groene gemeente zou ook daarom 560 betaalbare huizen aan haar voorraad moeten toevoegen, maar weigert verder te gaan dan 99 huizen, ofwel 17 procent van de lokale opgave. ,,Dat is ambitieus, weloverwogen en realistisch‘, vindt het gemeentebestuur zelf, dat de tussentijdse woningafspraken weigert te tekenen.
Ook Rijswijk wil maar een fractie bouwen van wat de gemeente volgens de berekeningen zou moeten bouwen aan goedkope woningen: 64 van de 490 huizen, of wel 13 procent. Dan doen Delft en Zoetermeer het met 103 en 70 procent opvallend veel beter. In absolute aantallen valt Westland op dat bereid is om 2300 goedkope huizen aan de voorraad toe te voegen. Het is dus niet allemaal kommer en kwel, weet ook Haags woonwethouder Martijn Balster. ,,In aantallen woningen maken Westland en bijvoorbeeld ook Pijnacker-Nootdorp best grote stappen. Dat vind ik prijzenswaardig.”
Ultieme poging
Toch zal de ambitie voor goedkope huur- en koopwoningen aanzienlijk omhoog moeten. Vandaar ook dat gemeente Den Haag nog geen regionaal woonakkoord wilde sluiten. Er ligt nu een ‘tussen-overeenkomst’ en er komt als ‘ultieme poging’ volgende maand nog een laatste onderhandelingsronde om tot een beter resultaat te komen. Dat Midden-Delfland nu niet meedoet, betreurt de wethouder. ,,Ik ben wel blij dat de provincie heeft gezegd dat niet meetekenen deze gemeente niet ontslaat van de plicht om haar bijdrage te leveren aan de woonopgave’’, zegt hij. Ook is Balster heel tevreden over de totale woningbouwplannen, goedkoop, middelduur en duur. In tien jaar komen er – als alles goed gaat – 76.000 huizen bij in de regio Haaglanden. ,,Dat zou toch een indrukwekkende prestatie zijn.’’
Bron: AD Regionieuws 31-12-2021
